Op bezoek in Weimar: Goethe’s Zonneklep

Goethes sterfkamer met nog net zichtbaar boven zijn bed zijn groene zonneklep.

Door Reinjan Mulder
Veertig jaar geleden, op 8 juli 1977 om precies te zijn, was de toen nog onbekende schrijver Oek de Jong halverwege de middag in Weimar. Onder leiding van prof. Hans Jaffe, de illustere kunsthistoricus, bezocht hij onder meer het laatste woonhuis van Goethe aan het Frauenplan in Weimar, en daar zag hij hoe ‘boven het hoofdeinde van het bed … Goethe’s Augenschirm (hing). Zijn zonneklep.’
Deze groene, metalen zonneklep zou een aantal jaren later later opduiken in Oek de Jong’s veelgelezen romandebuut Opwaaiende zomerjurken, en ook nog eens in een mooi dankwoord van hem na de uitreiking van de Haagse Bordewijkprijs, dat later in het tijdschrift Tirade werd gepubliceerd. Oek de Jong ging daarin onder meer in op het besef van ongelijktijdigheid, toen hij zei: ‘In die zonneklep had blijkbaar zijn hoofd gepast – een hoofd dat al honderdvijftig jaar niet meer bestond.’
Gelukkig hangt die zonneklep nog steeds boven dat bed, op de groene, bewerkte lap, iets meer uitgebleekt misschien, iets valer, maar nog altijd verbazingwekkend als stoffelijk omhulsel van Goethe’s al zo lang vergane geniale brein. Toen ik (meer…)

Veel aandacht voor W.F. Hermans en Cees Nooteboom in april en mei – Dood van Wim Brands blijft actueel

Door onze mediaredactie
De afgelopen maanden was er op Das Zahngold veel vraag naar oudere stukken over de klassiekers W.F. Hermans en Cees Nooteboom. Over Nooteboom werd vooral (410 keer) gelezen in de reconstructie van de ontvangst van zijn boek Het volgende verhaal in Nederland. Bij W.F. Hermans was men vooral (488 keer) nieuwsgierig naar ‘Tranen om W.F. Hermans‘, het dramatische interview met Frans A. Janssen dat de nooit meer geheelde breuk opleverde tussen de schrijver en zijn bibliograaf.
Andere stukken die in april en mei veel gelezen werden, waren een melancholiek stukje over een wandeling langs de Amsterdamse Weesperzijde (401 keer opgevraagd), de necrologie van Tsjebbe Hettinga (303 keer, vooral rond de verschijning van zijn Verzamelde Gedichten) en de herinneringen aan Mischa Hillesum (rond de ‘Open Joodse Huizen’ op 4 en  mei).
Bij de recensies viel sinds de verschijning van zijn nieuwste boek een stijgende belangstelling voor Adriaan van Dis te zien, met name voor zijn boek Het beloofde land uit 1991.
Op de eerste plaats (568 keer gelezen) eindigde dit keer de in april verschenen recensie van Alles komt goed, het vriendenboek over Wim Brands.

LEESPAARDEN
Kijken we naar de intensiteit waarmee de geregeld (>20) opgevraagde stukken zijn gelezen, gemeten naar de gemiddelde leestijd op Google analytics, dan vallen naast de meest geliefde recensies en de al langer goed gelezen stukken over Joost Zwagerman, Ischa Meijer, Paustovski en Lulu Wang dit keer twee nieuwe stukken op: over de zg. shared space achter het Amsterdamse Centraal Station en een oud interview met Hugo Claus uit 1994.
‘Leespaarden’  (meer…)

De oorlogsdagboeken van Hanny Michaelis (2): ‘Alle Duitsers mogen dood’

Recensie van: Hanny Michaelis, De wereld waar ik buiten sta. Oorlogsdagboek 1942-1945. Bez. Nop Maas. Uitg. Van Oorschot. 1060 blz.
Door Reinjan Mulder
Halverwege De wereld waar ik buiten sta, het tweede deel van Hanny Michaelis’ oorlogsdagboek, is het even schrikken. Het is zaterdag 17 april 1943. De (joodse) Hanny Michaelis (1922-2007) is nog net op tijd uit Amsterdam vertrokken en verblijft onder een nieuwe naam bij een onderduikgezin in de Haarlemmermeer en daar wordt druk gediscussieerd over de vraag wat er na de oorlog met de Duitsers moet gebeuren. Voor Michaelis is dat dan al geen vraag meer:
‘Wat mij betreft – ik geloof dat er afgezien van alle wraakgevoelens maar één bevredigende oplossing voor dit vraagstuk bestaat en die is te ongerijmd om toegepast te worden: alle Duitsers bij elkaar drijven en vergassen of vergiftigen, in elk geval doden.’
Daarbij zou dit doden volgens Michaelis eigenlijk niet uit wraakzucht moeten gebeuren, maar uit noodzaak. Alleen door alle Duitsers te doden wordt voorkomen dat ze de mensheid nog meer kwaad berokkenen. Volgens (meer…)

De nieuwe snelfietsroute Amsterdam-Zaandstad is af

De nieuwe snelfietsroute naar Zaandam kruist halverwege een gevaarlijke busbaan.

Door Reinjan Mulder
Op vrijdag 24 maart vond eindelijk de feestelijke inwijding plaats van de nieuwe snelfietsroute Amsterdam-Zaanstad. De route had de afgelopen tien jaar heel wat voeten in aarde gehad, zodat het een wonder mag heten dat hij nog is afgekomen. Om 3 uur vertrokken drie groepen fietsers bij de pont op het NDSM-terrein in Noord in de richting van Zaandam, en onderweg werd er af en toe stilgehouden voor een toelichting door de projectleider of een van zijn medewerkers.
Het werd een nuttig en gezellig uitje voor de tientallen ambtenaren en bestuurders die uit de regio naar Noord waren gekomen, vooral toen tijdens de afsluitende borrel in een verlaten sportcomplex de ene curieuze anekdote na de andere over het Amsterdamse fietsbeleid werd opgehaald.
Dat kon allemaal niet verhullen dat het succes van de nieuwe route nog niet zo zeker is. Trots had de ‘maker’ van de route ons onderweg weliswaar de prachtige brede fietsbrug laten zien waarover tientallen fietsers elkaar voortaan tegemoet zouden rijden. Hij had (meer…)

Een jaar na de dood van Wim Brands: nooit meer slapen

Door Reinjan Mulder
Recensie van: Maarten Westerveen en Jeroen van Kan (samenst.), Alles komt goed – Over Wim Brands. Uitg. Balans. 160 blz. Prijs € 15,-

Wie Alles komt goed leest, het vorige week verschenen boek over Wim Brands (1959-2015), vraagt zich af waarom juist Brands nooit de Gouden Ganzenveer heeft gekregen. Deze prijs voor personen of instellingen die ‘grote betekenis hebben voor het geschreven of gedrukte woord’ is sinds 1955 33 keer uitgereikt, maar nog nooit aan iemand die meer betekend heeft voor het geschreven en gedrukte woord dan hij. Met zijn televisieprogramma op zondagochtend was Brands jarenlang een baken voor iedereen die wilde bijhouden wie er waarover weer een interessant boek had geschreven, en vooral ook waarom.
Het voortijdig einde van het programma in deze vorm, met Wim Brands als presentator, is bekend. Een jaar geleden maakte hij tot ontzetting van velen een eind aan zijn leven. Hij zou in een diepe depressie zijn geraakt die hem geen andere uitweg bood.
Dat is minder vreemd dan het lijkt. Wim Brands wordt nu dan wel veel geprezen vanwege zijn gedichten en interviews, maar tijdens zijn leven was dat anders. Zo werd zijn serie over buitenlandse schrijvers door de VPRO stopgezet en vervangen door een programma over fotografie. Ook (meer…)

Veel lezers voor Das Zahngold in eerste kwartaal 2017, met A. Alberts, Jan Montyn en de vroege Grunberg-brieven

Schliersee 1998. Reinjan Mulder ontmoet Arnon Grunberg alias Marek van der Jagt. Coll. Bijzondere Collecties

Door onze mediaredactie
Het afgelopen kwartaal laat na een rustig najaar een sterke toename van het aantal (‘unieke’) bezoekers aan Das Zahngold zien: 15.359. In maart kwamen er zelfs 6.111 mensen naar de site, het hoogste aantal sinds december 2014. Meest (2.000 keer) gelezen werden drie stukken over Connie Palmen, die resp. 571 (recensie De Wetten), 681 (interview De vriendschap) en 738 (25 jaar De Wetten) bezoekers trokken, per stuk net iets minder dan de necrologie van de vorig jaar overleden etser en oostfrontvrijwilliger Jan Montyn, die de eerste drie maanden 829 nieuwe bezoekers trok.
Andere veel gelezen artikelen gingen over de recent gebundelde vroege brieven van Arnon Grunberg (422), het experimentele foto-project Objectief Nederland (399) en de tragische ondergang van uitgeverij Meulenhoff (364).
Meest gezochte naam in de zoekmachines was in 2017 tot nu toe – met stip – weer Connie Palmen.

Hanna Bervoets met de Frans Kellendonkprijs 2017

Meest gelezen recensies waren afgelopen kwartaal, naast de Grunberg-brieven en Connie Palmen’s De Wetten, die van Cees Nootebooms Rituelen (329 unieke bezoekers), Jona Oberski’s Kinderjaren (309) en  van Hanna Bervoets recent verschenen Ivanov (302).
Veel gelezen reportages waren die over Claudio Magris in Straatsburg (313), de 24-jarige Reinjan Mulder aan het werk in Zeeland (295) en de  verkeersinspectie bij grote ingrepen in Amsterdam (222).

Ook de inzet van de lezers was dit keer opvallend hoog. Steeds minder  stukken worden snel weggeclickt. Lang gelezen werd o.m. in de recensies van A. Alberts’ De vrouw met de parasol, rond het verschijnen van Alberts’ biografie (gemiddelde leestijd 11:22 min.), van Anna Enquist’s Het meesterstuk (9:03 minuten)Cynthia McLeod’s Hoe duur was de suiker (8:33) en Margriet de Moor’s Eerst grijs dan wit dan blauw (8:04).

‘Wansmaak of gezonde kunst?’ Tentoonstelling in Jan van Anrooy’s Nederlandsche Kunsthuis (1943)

Intensief gelezen reportages waren het grote interview met de Dordtse dichter Jan Eijkelboom (gemiddeld 11:11 minuten), de affaire rond de Betuwse Kultuurkamer-leider Jan van Anrooy (9:08) en het verslag van de reis naar Kiev en Odessa in het voetspoor van de Russische schrijver Konstantin Paustovski (8:06).

Bron: Byte Statistieken (bezoekaantallen) en Google Analytics (leestijden). Bij de leestijden is om vertekening te voorkomen alleen gekeken naar artikelen die wekelijks een paar keer (>40) worden opgevraagd. N=15.359. 

Kees Verheul: Gevuld met gloeiende wol – Bij het boekenweekthema van 2017 (Verboden Vruchten)

Door Reinjan Mulder
In het najaar van 1982 verscheen er een boek waarin een paar streng verboden vruchten voorkwamen zonder dat iemand zich daar op dat moment al te bewust van leek. Dat was Een jongen met vier benen van de slavist Kees Verheul. Ik besprak het voor NRC Handelsblad (Cultureel Supplement, 8 oktober 1982), en wat me er toen het meeste in trof, was de zorgvuldig geboekstaafde emotionele ontwikkeling die de autobiografische hoofdpersoon tussen zijn achtste en veertiende doormaakte.
Een jongen met vier benen bestaat uit vier op elkaar aansluitende verhalen over de lagere schooljaren van een dorpsjongen. Naar het dialect te oordelen woont hij in het oosten van het land. En de tijd waarin de verhalen zich afspelen is kort na de oorlog. Hier en daar liggen nog resten van gebombardeerde huizen.
Nu ik er 35 jaar na dato op terugkijk, is het opvallendst aan de verhalen dat er een pedofiele relatie in beschreven wordt zonder dat deze veroordeeld wordt. De relatie die de ik-figuur op een gegeven moment krijgt met de vader van een vriendinnetje past naadloos in zijn seksueel ontwaken en hij voelt er geen wroeging over. Hij voelt opwinding bij de seksuele handelingen met de man en is zich ervan bewust dat het om iets verbodens gaat, maar dit heeft (meer…)

Bij de dood van de dichter Derek Walcott (1930-2017) – Altijd zijn geboorte-eiland St. Lucia trouw gebleven

Door Reinjan Mulder
‘Geschokt’ en ‘verbijsterd’ zou de deze week overleden Caribische dichter Derek Walcott (1930-1917) zijn geweest, toen hij in 1992 om zes uur ’s morgens in zijn woonplaats Boston werd opgebeld door de Zweedse Academie met het bericht dat hij de Nobelprijs voor literatuur had gewonnen. Hij was toevallig vroeg opgestaan om te gaan schrijven, zei hij, en was door het bericht volledig overvallen.
Dat kon twee dingen betekenen. Of hier was iemand aan het woord met vele theaterervaring. Toen Walcott werd opgebeld, wist hij heus wel meteen dat hij de prijs had gewonnen. De woensdagmiddag daarvoor was ik nog in Amsterdam door een goede vriend van hem opgebeld die er absoluut zeker van was dat hij als winnaar uit de bus zou komen. Walcott was de laatste maanden een paar keer in Zweden geweest, zo vertelde de man, en de laatste keer was hem toen al door mensen van de Academie te verstaan gegeven dat hij op de bewuste dag maar bij de telefoon moest gaan klaarzitten.
Een andere mogelijkheid was dat Walcott met zijn verbaasde reactie zijn nederigheid tegenover de grote prijs had willen tonen. Derek Walcott was een schrijver die op zijn 62ste het kunstenaarschap nog altijd (meer…)

Bekroonde Céline-vertaler Frans van Woerden: ‘De wereld van Louis-Ferdinand Céline is onze familie zeer vertrouwd’

Door Reinjan Mulder
De Nederlandse vertaler Frans van Woerden dankt zijn grootste bekendheid aan zijn fantastische Céline-vertalingen. In 1991 kreeg hij daarvoor in Dublin zelfs de grote Europese Vertaalprijs. Ik was zo gelukkig om bij die prijsuitreiking te zijn, en heb daar goede herinneringen aan.
‘Laat mij nu even niet zo bescheiden zijn!’ In zijn dankwoord, in het Ierse Museum voor Moderne Kunst, kreeg Van Woerden eindelijk de lachers op zijn hand. Hij had eerst een bevlogen opsomming geven van alle eisen waaraan een vertaler van literair werk volgens hem moest voldoen en menigeen moet toen hebben gedacht dat de Nederlander het wel erg goed met zichzelf getroffen had, maar gelukkig kwam toen de relativering. Van Woerden zei me de volgende ochtend dat hij opeens doorkreeg dat zijn verhaal wel erg onbescheiden begon te klinken. Draafde hij niet een beetje door? ‘Toen ik zei dat een vertaler ook nog goed vertrouwd moest zijn met science, voelde ik plotseling hoe er een huivering door de zaal ging,’ vertelde hij in de tearoom van het plaatselijke Shelbourne-hotel. ‘Eerst had ik al betoogd dat een vertaler niet alleen een vakman moest zijn maar ook een kunstenaar, daarna zei ik nog eens dat hij ook erg goed moest zijn in geschiedenis, psychologie en exacte vakken. En dat ging sommigen kennelijk (meer…)

De speler verliest altijd – Bij het Boekenweek-thema 2017

Door Reinjan Mulder
Thema van de Boekenweek is dit jaar ‘Verboden vruchten’. Dat treft. Er zijn heel wat boeken die over verboden vruchten gaan, zoals er ook heel wat boeken zelf verboden vruchten zijn geweest. Maar zijn er ook boeken waarvan alleen al de recensie een verboden vrucht was? Daarvan ken ik er maar één: Monaco – Drie typen van Marcellus Emants.
In 1985 schreef ik over dit Monaco een recensie die vanwege een curieus veto tot de dag van vandaag nooit het daglicht heeft gezien. Niet omdat het geen goed stuk was, nee, de strekking ervan deugde niet.
Toch werd het gokken in Monaco niet idioot opgehemeld. Maar juist dat zat de opdrachtgever waarschijnlijk niet lekker.
Gelukkig heb ik hem altijd bewaard, die recensie. De doorslag ervan blijkt, enigszins uitgebleekt, in mijn al even uitgebleekte paperback van Monaco te zitten, zodat ik hem, dankzij internet, 32 jaar na dato nu toch nog nipt aan de openbaarheid kan prijsgeven.

Maar eerst iets meer over de blokkade van de recensie. Die had alles te maken met mijn bijzondere opdrachtgever van die dagen. In het voorjaar van 1985 werd ik benaderd door Dirk Ayelt Kooiman, oprichter en redacteur van De Revisor. Voor het tijdschrift Casino van de Stichting Holland Casino zocht hij auteurs die over boeken konden schrijven die zich in casino’s (meer…)