Sandra van Beek: Piet Mulder, schilder van het Betuwse landschap

OndervuurtorenfotoUPDATE 2017 – In 2019 is het 100 jaar geleden dat de schilder Piet Mulder werd geboren. Reden genoeg om dat jaar wat langer bij deze bijzondere figuur stil te staan. Op dit moment worden er een of twee boeken over zijn leven en werk voorbereid, en wordt onderzocht of er op verschillende plaatsen in de Betuwe tentoonstellingen van zijn werk georganiseerd kunnen worden.
Eerder (2014) was er in de hoge vuurtoren van Harwich (UK) al over vijf verdiepingen een tentoonstelling te zien van Piet Mulder’s Engelse werk. Ook waren er sinds 1950 al diverse eenmanstentoonstellingen,  in Nederland, in onder meer Het Stroomhuis (Neerijnen), de Stadsgalerie (Woudrichem),  De Westfriese Munt (Enkhuizen) en Galerie De Praktijk (Amsterdam). In 2014 verscheen over zijn zeeschilderijen bovendien het tweetalige boek
Piet Mulder, De zee is saai / The sea is a bore (uitg. De Weideblik).
Sandra van Beek geeft – met medewerking van Piet Mulder’s zoon Reinjan – hieronder een beknopt overzicht van het leven en werk van de jubilerende schilder.   

Piet Mulder, Waaldijk Opijnen, 1974 (privé-collectie)

Piet Mulder, Waaldijk Opijnen, 1974 (privé-collectie)

Piet Mulder (1919-2001) was meer dan een halve eeuw de Betuwse schilder van landschappen, zeegezichten en portretten. In de jaren zestig was hij één van de drijvende krachten achter de Kontaktkring voor Beeldende Kunst tussen de Grote Rivieren, waarbij kunstenaars als Marinus van de Boezem, Johan Ponsioen en Jan van Munster waren aangesloten, daarna werd hij actief in de Tielse Kunstenaarssocieteit en de Nederlandse Vereniging voor Zeeschilders. Tijdens zijn leven had hij meer dan 40 eenmans-exposities in steden als Enkhuizen (Galerie De Westfriese Munt), Amsterdam (Cinetol, De Praktijk), Woudrichem (Stadsgalerie) en Wijk bij Duurstede en deed hij aan meer dan zestig groepexposities mee, van het Amsterdamse Scheepvaartmuseum tot de International Marine Art Exhibition in Mystic (VS). Op die laatste tentoonstelling rekende criticus William Zimmer van de New York Times (13 augustus 1989) zijn Laag water in Harwich tot de beste werken van de show: ‘with scruffy small boats, seemingly floating on mud’.   

Strand in Upper Dovercourt, olieverf op doek, 1985

Strand in Upper Dovercourt, olieverf op doek, 1985

Piet Mulder werd kort na de Eerste Wereldoorlog op de Nederlands-Belgische grens geboren, in het Zeeuws-Vlaamsee Sint Jansteen, waar zijn vader bij de douane werkte. Daarna verhuisde het gezin bijna jaarlijks naar nieuwe douaneposten, in plaatsen als Roosendaal, Winterswijk, Rotterdam, Leiden en Tiel om in 1934 in Amsterdam te belanden, waar vader Mulder verificateur op het Entrepotdok werd. Piet bezocht daar de HBS aan de Mauritskade en de HTS, waarna hij 7 jaar lang schilderles kreeg bij M. Diemel op de Vrije Academie Artibus in Utrecht.
Toch zou schilderen nooit zijn broodwinning worden. Al op de lagere school in Winterswijk was zijn tekentalent opgevallen en op de HBS was tekenen zijn beste vak geweest, maar zijn ouders wilden hem in de crisisjaren geen kunstopleiding laten volgen. Daarom werd hij bouwkundige, een vak waarvoor je goed moest kunnen tekenen maar dat

toekomstperspectief bood.

Piet Mulder, Zelfportret als poppenspeler, fragment, ca. 1950 (Collectie Els en Reinjan Mulder)

In de Betuwe, waar hij in 1945 kwam wonen, zou Piet Mulder echter vooral bekend worden als schilder. Bijna niemand in zijn woonplaats Geldermalsen wist dat hij staalbouwkundig inspecteur bij de Spoorwegen was. Vanuit zijn ateliers op Tuindorp en het Laageinde legde hij tijdens wandelingen en fietstochten grote delen van het Gelderse rivierenlandschap vast in tientallen schetsboeken en in meer dan duizend aquarellen, gouaches en olieverfschilderijen.

Piet Mulder, Harwich Beach, oil on canvas, 1983

Piet Mulder, Harwich Beach, oil on canvas, 1983

Zowel tijdens zijn leven als na zijn dood werden die veelvuldig geëxposeerd. Zijn eerste overzichtstentoonstelling kreeg Piet Mulder echter pas een jaar na zijn dood in de Stadsgalerie van Woudrichem. Daar hingen in 2002 opeens alle genres die hij beoefende bij elkaar. Voor velen een kleine openbaring. Dat gold ook de druk bezochte tentoonstelling ‘Drieluik aan de Linge’, die in 2005 in het Museum van Culemborg plaatsvond.
Zijn laatste eenmans-tentoonstellingen waren – postuum – in 2011 en 2014 in Stroomhuis Neerijnen, en in 2015 in de Hoge Vuurtoren van Harwich.

Vlissingen, 1975 (privé collectie)

Vlissingen, 1975 (privé collectie)

Hoewel Piet Mulder nooit van zijn werk hoefde te leven zodat hij kon maken wat hij wilde, vond zijn werk met de jaren steeds meer kopers. Hij kreeg na 1960 honderden portretopdrachten en verkocht ook steeds meer vrij werk. Sinds zijn dood, in 2001, is dat, dank zij enkele actieve bewonderaars, nog meer geworden. Op de tentoonstelling in Neerijnen in 2011 werd vrijwel alles verkocht. Daarna gingen bij een grote veiling in Arnhem in 2014 meer dan 300 schilderijen van de hand, en bleef ook niets onverkocht.
Verreweg de meeste van zijn nagelaten schilderijen en aquarellen bevinden zich dan ook bij particulieren zoals de Baron van Verschuer van de Heerlijkheid Marienwaerdt en in enkele publieke collecties:
– Spoorwegmuseum, Utrecht
– Stichting Het Geldersch Landschap en Kasteelen, Arnhem
– Regionaal Archief Rivierenland, Tiel
– Nederlandse Bruggenstichting
– The Harwich Society, Harwich
– Flipje- en Streekmuseum, Tiel
– Stedelijk Museum, Gorinchem
– Het cultuurhistorisch Museum in De Waal (Texel)
– Letterkundig Museum, Den Haag.

Waal bij Opijnen, olieverf op doek

Waal bij Opijnen, olieverf op doek

Toch is er ook nog een collectie van ongeveer 150 schilderijen en enkele honderden tekeningen en aquarellen in bezit van de familie, tot haar dood in 2013 bewaard en gekoesterd door Piet Mulders vrouw Hanna Mulder-Hulscher (1922). Met het Regionaal Archief Rivierenland in Tiel (RAR), de Stichting Geldersch Landschap en conservator Peter Schippers van het Streekmuseum in Tiel wordt nu onderzocht wat daarvan voor de streek behouden moet blijven.

Hanna Mulder tussen het werk van haar man Piet Mulder (foto William Hoogteyling)

Na de dood van Hanna Mulder in juni 2013 zijn Piet Mulders kinderen Reinjan en Els Mulder bovendien begonnen om zijn werk opnieuw onder de aandacht te brengen en voor het nageslacht vast te leggen. Zo verscheen er bij de tentoonstelling met nagelaten maritiem werk in Neerijnen in 2014 voor het eerst een royaal geïllustreerde catalogus, die in 2015 werd verkocht bij de tentoonstelling in het kader van het Harwich Festival of the Arts. Sindsdien wordt onderzocht of en waar er in 2019, bij Mulder’s honderdste geboortedag, een grote overzichtstentoonstelling kan komen van zijn werk. Bij die gelegenheid zou dan misschien de eerste (selectieve) oeuvrecatalogus kunnen verschijnen, waarin, naast veel reproducties en biografische informatie, ook enkele verzamelaars aan het woord komen. Beter dan wie ook kunnen zij waarschijnlijk vertellen wat Piet Mulders schilderijen voor hen – van Tiel tot Harwich – betekenen. Voor veel bezitters van Mulders werk gaat het immers niet alleen om de techniek, de sfeer en het kleurgebruik, zeker zo belangrijk zijn de locatie, de voorstelling en ‘het verhaal’ achter het werk. Niet voor niets heeft zijn werk zich in de regio inmiddels ontwikkeld tot wat je het middelpunt van het ‘streekgeheugen’ zou kunnen noemen.

Enspijk, het veer (Collectie F.J.A. baron van Verschuer)

Wat betekenen Piet Mulders schilderijen voor de mensen die ze in huis hebben? In hoeverre leiden ze in hun huizen een eigen leven, zijn ze bij het huis en de bewoners gaan behoren? Welke verzamelaars delen de ervaring die iemand als Jan Heijmans uit Tricht heeft, die thuis een ‘Piet Mulder’ van een winters landschap in de Trichtse Kerkstraat heeft hangen? Voor hem is het schilderij, zoals hij zegt, ‘een plaatje om bij weg te dromen… Denkend aan vroeger hoe het was en wat we hebben verloren.’
Wat ‘we’ hebben verloren, is dat de boom op het schilderij nu is verdwenen, ‘omgezaagd ter wille van de nieuwe tijd’, aldus Heijmans. Hij schreef het in een van de streekbladen met een bijna verontwaardigde ondertoon.

Piet Mulder: Lightships near Shotley

Piet Mulder: Lightships near Shotley

Die nieuwe tijd heeft het Betuwse landschap tussen de grote rivieren de laatste jaren op veel manieren aangetast. Veel karakteristieke boerenhuizen zijn gesloopt of tot villaatjes verbouwd. De pont in Enspijk werd een voetveer en er zijn bijna geen functionerende hooibergen  meer.
Daar komt dan nog de Betuwespoorlijn bij, die nu twee kilometer van Mulder’s vroegere huis loopt en heel wat door hem geschilderde wegen en dijken doormidden snijdt.
Piet Mulder’s zoon Reinjan Mulder weet nog hoe zijn vader destijds over die spoorlijn dacht: ‘Die was nergens voor nodig, zei hij, er was al een Betuwelijn. Mijn vader is kort na de oorlog juist naar de Betuwe gekomen om samen met de Engelse genie de kapot gebombardeerde spoorverbindingen naar het Oosten weer te herstellen.

Betuws landschap in de reeks Gaade’s Schilderschool. Voor deze reeks liet Piet Mulder zien hoe je stap voor stap aquarellen en olieverfschilderijen opzet.

JLM Tricht 1986 041

Piet Mulder: Gezicht op Tricht, winter 1986, gemengde techniek, privé collectie.

Zijn eerste karwei was een nood-brug over het Inundatiekanaal in Tiel en het herstel van de opgeblazen brug bij Zaltbommel.’

Piet Mulder heeft in ieder geval het landschap van vóór de nieuwe Betuwelijn vastgelegd. Sommige mensen schaffen zijn schilderijen en aquarellen dan ook mede aan omdat ze hen herinneren aan een sfeer van vroeger. Zo herinnerde Hanna Mulder zich nog altijd het kleine café in bij de rivier de Waal in Ophemert, zoals dit op een schilderij stond, in een atmosferisch perspectief van de bomen rondom het café, met warme, donkere kleuren. Het was voor haar een plek waarvan haar man de stemming voor altijd had  gevangen.

Vuurtorenbeheerder Sue Daish tussen drie werken van Piet Mulder

Vuurtorenbeheerder Sue Daish van Harwich tussen drie Engelse werken van Piet Mulder

Piet Mulder was een veelzijdig kunstenaar. Behalve in de Betuwe, schilderde hij veel naar model en later ook in Oost Engeland, waar hij sinds 1975 een atelier had. Daar schilderde hij bij The Minories in Colchester en legde hij zich dertig jaar toe op Engelse havens en zeegezichten: Harwich, Lowestoft, Great Yarmouth, Hastings, Penzanze, St. Ives.
In die tijd werd hij ook een toegewijd lid van de Nederlandse Vereniging van Zeeschilders en werkte hij mee aan Gaade’s Schilderschool (1987). Voor deze vierdelige educatieve reeks maakte hij in samenwerking met de fotograaf George Burggraaff een groot aantal schilderijen en aquarellen, die stap voor stap lieten zien hoe verf, hetzij in lagen hetzij ‘nat-in-nat’, op het doek of op het papier werd aangebracht. In het deel over landschappen komen zo veel Betuwse locaties voor in opeenvolgende fasen van schilderen.

Was Piet Mulder een groot schilder? Dat zal de komende jaren moeten blijken, nu er veel tekeningen en schilderijen op de markt zijn die nooit eerder bekend waren. Over de vraag of haar man pretenties had met zijn werk, was zijn vrouw Hanna Mulder vijf jaar geleden kort geweest: ‘Hij wist dat hij het kon.’

Geldermalsen, Laageinde in de sneeuw, 1952 (Collectie Els en Reinjan Mulder)

Misschien werd het zicht op zijn beeldend talent te lang verduisterd doordat Piet Mulder zo veelzijdig was. Dat maakte het moeilijk om hem puur als schilder te zien. Zo werd hij behalve door het schilderen zijn leven lang geboeid door de natuur en de techniek – zijn vak. Van 1940 tot 1942 was hij hoofdredacteur geweest van het blad Amoeba van de Nederlandse Jeugdbond voor Natuurstudie (NJN), waarin veel tekeningen en foto’s van zijn hand verschenen en in de eerste jaren na de bevrijding had hij een door hem zelf geïllustreerde natuur-rubriek in de voormalige communistische verzetskrant De Waarheid. Daarnaast schreef (en tekende) hij geregeld over architectuur en staalbouw voor het Polytechnisch Tijdschrift en voor het blad van Weg en Werkenvereniging van de Nederlandse Spoorwegen. Als technisch inspecteur en hoofd van de tekenkamer (!) van NS was hij zeer nauw betrokken bij de bouw van grote, monumentale stations in steden als Tilburg, Roermond, Venlo en Utrecht (Hoog Catharijne) en bij de constructie van belangrijke spoorbruggen zoals die bij Culemborg en Dordrecht en daar schreef hij graag over.
En dan was Piet Mulder nog 50 jaar lang een in de Betuwe zeer gewaardeerde poppenspeler. Bij feestelijke gelegenheden in Geldermalsen en omstreken haalde hij zijn poppenkast en zijn zelfgemaakte houten poppen van de zolder om op scholen, bij welgestelde particulieren of in verenigingsgebouwen kindervoorstellingen te geven. Vooral rond Sinterklaas kon het dan druk zijn en was hij soms maanden tevoren volgeboekt.

Zwemmers in Zandvoort, z.j., aquarel

Zwemmers in Dovercourt, z.j., aquarel

Piet Mulder zat tijdens voorstellingen dan drie kwartier of langer in de door hemzelf gebouwde latten-kast de verschillende stemmen van zijn poppen te maken, met op iedere arm een pop, terwijl honderden kinderen ademloos volgden hoe boven zijn hoofd de goede en de kwade krachten de strijd aangingen.
Vanaf eind jaren vijftig kreeg hij daarbij de hulp van zijn zoon Reinjan (1949), die daaraan nog altijd de beste herinneringen heeft. Hij gaf zijn vader de poppen aan, ving de requisieten op en hielp bij het snel verwisselen van decors. ‘Van mijn vader heb ik geleerd verschillende registers te bespelen en een ondraaglijke spanning op te bouwen.’

Piet Mulder, Gezicht op Geldermalsen, 1988.

Piet Mulder, Gezicht op Geldermalsen, 1988.

Die poppenkastpoppen moeten nog ergens zijn, in een grote, hoge doos, evenals de zelf geschilderde decorstukken van het dorpsplein, de paleistuin en het grote bos, en de drie meter lange rode vlag van Mulder’s socialistische grootvader P.C. Orgers, die – ook op koninginnedag – demonstratief om de houten latten van de kast gespannen werd, om de beide poppenspelers aan het oog te onttrekken.

Wie van al die kinderen in de zalen en zaaltjes zal toen hebben beseft dat er achter dat doek een van de belangrijker Betuwse schilders verstopt zat?

Schutblad schetsboek, aquarel op board, z.j.

Schutblad schetsboek, aquarel op board, z.j.

Piet Mulder is opgenomen in de Lexicon van Nederlandse Beeldende Kunstenaars 1750-1950 van Pieter  Scheen (1969), in de Engelse Dictionary of Sea Painters, en in Nederlandse Zeeschilders (1985) van Henk Wever, van de voormalige Galerie de Westfriese Munt.

In januari 2014 verscheen bij Uitgeverij De Weideblik in Varik over de zeeschilderijen van Piet Mulder bovendien het boek ‘Piet Mulder, De Zee is saai – The sea is a bore‘, geschreven door Reinjan Mulder (prijs € 10,-) . Een fragment daaruit, alsmede een aantal zeeschilderijen, is hier te vinden. De Engelse summary van het boek alsmede een aantal Engelse werken vindt u hier.

Dirk Vermeulen (Voorheen Galerie De Praktijk) schreef naar aanleiding van dit boekje: ‘In mijn huis in Tunesië heb ik een heel mooi strandgezicht van Piet Mulder. Behalve ikzelf vinden ook alle Tunesiërs die me bezoeken het een mooi schilderij.’

Het boekje ‘Piet Mulder, De zee is saai – How boring the sea’  is verkrijgbaar in de betere boekwinkel, maar kan ook worden besteld door overschrijving van €12,50 (€10,- plus €2,50 verzendkosten) op ING rekening NL06 INGB 0004 6745 36 tnv Reinjan Mulder Research & Editing te Amsterdam. Vermeld op uw overschrijving ‘Saai’, alsmede de naam en het volledige adres waar het boek naartoe moet, dan sturen wij het op.
Een overzicht van de ca. 300 schilderijen van Piet Mulder die in 2014 werden geveild bij het Notarishuis in Arnhem vindt u hier.   

Van 1945 tot 1948 verzorgde Piet Mulder een natuur-rubriek voor het legaal geworden communistische dagblad ‘De Waarheid’, met eigen illustraties.

 

 

 

4 Reacties

  1. Rien van der Kley

    In de 1990’s zijn we bij Piet Mulder op zolder geweest om een schilderij te kopen. Het was van de molen De Vlinder, bij Deil, met een paard in het weiland. Het was ondertekend met Piet Mulder B5 en het is in ons huis in Canada.
    Hij gaf ons ook een boek waarin hij voorkwam: HEDENDAAGSE NEDERLANDSE ZEESCHILDERS

  2. @ Rien van der Kely: Kan het zijn dat die B5 het jaartal was? Mijn vader schreef wel eens ’85, in plaats van 1985.

  3. Rien van der Kley

    Ja, je hebt gelijk. It is ’85. Zijn er nog meer schilderijen van De Vlinder geschilderd? Groeten uit Canada

  4. Ja, er zijn mij nog zeker drie andere schilderijen van ‘De vlinder’ bekend.

Geef een reactie